|
Voorzieningen langlopend |
||||||||||||
|
x € 1.000 |
Personeel gerelateerde voorzieningen |
Reorganisatievoorziening |
Garantieverplichtingen |
SAR |
Overig |
Totaal |
||||||
|
Boekwaarde per 1 januari 2025 |
2.178 |
- |
820 |
2.191 |
13 |
5.202 |
||||||
|
Dotaties gedurende het jaar |
533 |
27 |
729 |
1.806 |
558 |
3.653 |
||||||
|
Onttrekkingen |
-505 |
-374 |
-879 |
|||||||||
|
Transfer kortlopende verplichtingen |
-314 |
-133 |
-447 |
|||||||||
|
Vrijval ten gunste van winst- en verliesrekening |
-58 |
-124 |
-6 |
-188 |
||||||||
|
Valutaverschillen |
-57 |
-19 |
-76 |
|||||||||
|
Deconsolidatie |
- |
|||||||||||
|
Boekwaarde per 31 december 2025 |
1.777 |
27 |
899 |
3.997 |
565 |
7.265 |
||||||
|
Voorzieningen kortlopend |
||||||||||||
|
x € 1.000 |
Personeel gerelateerde voorzieningen |
Reorganisatievoorziening |
Garantieverplichtingen |
Totaal |
||||||||
|
Boekwaarde per 1 januari 2025 |
309 |
2.292 |
931 |
3.532 |
||||||||
|
Mutaties |
-242 |
-1.438 |
-346 |
-2.026 |
||||||||
|
Boekwaarde per 31 december 2025 |
67 |
854 |
585 |
1.506 |
De voorziening voor personeelgerelateerde beloningen betreft voornamelijk de verplichting voor jubileumuitkeringen.
De jublieumvoorziening is bepaald volgens ‘’Projected Unit Credit Method’’. Deze voorziening is berekend op basis van actuariële grondslagen, waarbij rekening is gehouden met verwachte blijfkansen en salarisontwikkelingen en een rentevoet van gemiddeld 1,04% (2024: 0,84%). De looptijd van de voorziening is grotendeels langer dan één jaar.
In 2023 is een reorganisatievoorziening getroffen voor de sluiting van Helvoet Hellevoetsluis. Met de vakbonden is overeenstemming bereikt en het plan is gecommuniceerd. De communicatie heeft publiekelijk plaatsgevonden via de publicatie van een persbericht. Ultimo 2025 is de voorziening volledig kortlopend.
De voorziening voor garantieverplichtingen is gebaseerd op historische garantiekosten van producten die nog in de garantieperiode zitten. Gezien de beperkte looptijd is deze voorziening niet contant gemaakt tegen een rentevoet.
De groepsdirectie en een aantal directieleden van werkmaatschappijen hebben een SAR regeling waarbij ze een beloning ontvangen op basis van de waardestijging van de onderneming over een periode van vier of vijf jaren. Tenzij er sprake is van verkoop van Hydratec aan derden is deze waarde stijging gebaseerd op een percentage van 1%-5% van 5 keer de gemiddelde EBIT over drie of vier boekjaren. De verwachte eindwaarde is gebaseerd op de verwachte EBIT uit de Lange Termijn Plannen van Hydratec en niet op de verwachte waarde bij verkoop aan derden. De SAR voorziening zonder exit is op grond van IAS 19 bepaald volgens ‘’Projected Unit Credit Method’’. De verplichting is contant gemaakt tegen een rentevoet van 4%. De ingeschatte blijfkans varieert van 60% tot 100% gedurende de periode tot eerste uitoefenrecht. Wanneer meer dan 50% van de aandelen van de groepsmaatschappij of groep wordt overgedragen aan een derde wordt de SAR uitgeoefend. De exit-waarde is dan de hoogste van 5x de gemiddelde EBIT over de laatste drie of vier boekjaren en de waarde op basis van de verkoopprijs. De kans hierop is gering en derhalve niet gewaardeerd conform IFRS 2. Indien het dienstverband tussen Hydratec en een directielid eindigt voor uitoefening van de regeling, vervalt de SAR. Tenzij het dienstverband is geëindigd door overlijden of op grond van artikel 7:669 lid 3 onder a en b. In dit geval heeft directielid recht op 33,3% van het bedrag. De SAR kan slechts eenmaal worden uitgeoefend binnen een periode van een maand nadat de geconsolideerde jaarcijfers van Hydratec door de accountant zijn goedgekeurd, en niet eerder dan de termijn van de regeling.
Bij de groepsdirectie wordt jaarlijks maximaal 0,5%, tot een maximum van 2,5% over de 5 jaren, van de waarde toegekend door de raad van commissarissen. De jaarlijkse toekenning aan de groepsdirectie staat ter discretie van de raad van commissarissen. Hydratec schat in dat in komende 3 jaar gemiddeld 80% van dit percentage wordt toegekend. Over 2025 is 100% toegekend.
De overige voorzieningen hebben voornamelijk betrekking op earn-out regeling. Voor de bepaling van de voorzieningen zijn inschattingen gemaakt. Derhalve kunnen er verschillen zijn tussen de boekwaarde van de voorzieningen op balansdatum en de daadwerkelijke uitstroom van geldmiddelen. De looptijd van de voorzieningen zijn grotendeels langlopend.
De uitgestelde belastingverplichtingen zijn als volgt onderverdeeld:
|
x € 1.000 |
Immateriële vaste activa |
Materiële vaste activa |
Totaal voor saldering |
Saldering uitgestelde belastingen |
Totaal na saldering |
|||||
|
Boekwaarde per 1 januari 2024 |
722 |
3.442 |
4.164 |
-2.882 |
1.282 |
|||||
|
Mutatie |
-77 |
-139 |
-216 |
472 |
256 |
|||||
|
Boekwaarde per 31 december 2024 |
645 |
3.303 |
3.948 |
-2.410 |
1.538 |
|||||
|
Mutatie |
-300 |
44 |
-256 |
-235 |
-491 |
|||||
|
Boekwaarde per 31 december 2025 |
345 |
3.347 |
3.692 |
-2.645 |
1.047 |
Deze verplichting heeft een overwegend langlopend karakter.
Het bestuursverslag als bedoeld in Titel 9 Boek 2 BW ziet toe op de elementen van het voorwoord tot en met het meerjarenoverzicht. Deze versie van de jaarlijkse financiële verslaggeving van Hydratec Industries N.V. voor het boekjaar geëindigd op 31 december 2025 is niet gepresenteerd in het ESEF-formaat zoals gespecificeerd in de technische reguleringsnormen voor ESEF (Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/815.) De ESEF rapportageset is beschikbaar via de downloads.